
Badkamers echt warm maken: het geheim van kortegolfstraling
Niemand houdt van dat rillende gevoel wanneer je na een hete douche de ijskoude kamer in loopt. Dat is echt vreselijk. Precies daarom maken we onze waterdichte infraroodverwarmers.
De meeste verwarmers proberen de lucht in de kamer op te warmen, maar in een vochtige badkamer duurt dat eeuwen. Wij doen het anders. Onze apparaten gebruiken kortegolfinfraroodlicht om jou en de oppervlakken om je heen rechtstreeks op te warmen. Het is net alsof je op een winterdag in het zonlicht stapt.
Hoe we die “instantie warmte” bereiken
Om een koude omkleedruimte binnen seconden comfortabel te maken, gebruiken we kwarts-halogeen-elementen. Deze buizen worden ontzettend heet en stralen kortegolfstraling uit. Het goede nieuws? Deze warmte dringt gemakkelijk door stoom en vocht heen, zonder zijn kracht te verliezen. Je hoeft niet te wachten tot de kamer “opwarmt”. Je hoeft alleen de schakelaar om te zetten, en je voelt het meteen.
Omgaan met stoom en water
Water en elektriciteit gaan niet samen. Punt uit.
Om veiligheid te garanderen, wikkelen we de verwarmingselementen in temperatuurbestendig glas of speciale kwartsbuizen met goede afsluitingen. We leiden ook de bedrading door vochtbestendige kabelbundels. Hierdoor kan stoom niet binnendringen en de verbindingen langzaam beschadigen.
Je zult merken dat we R7- of soortgelijke sterke aansluitingen gebruiken. Er is een reden voor: wanneer deze buizen snel opwarmen, zetten ze uit zichzelf uit. Deze aansluitingen kunnen deze beweging aan, zodat de verwarming niet steeds uitvalt.
Enkele dingen om in gedachten te houden
Het nadeel is dat dit type verwarming veel vraag stelt aan het elektriciteitsnetwerk.
Als je meerdere van deze apparaten in een kleine omkleedruimte plaatst, moet je eerst je stoppen controleren. Deze apparaten trekken veel stroom zodra ze worden aangezet. Je wilt immers niet dat je elektriciteit steeds uitvalt wanneer je het warm wilt hebben.
Een tip over waar je ze moet plaatsen: de hoek is belangrijk. Plaats ze te hoog, en de warmte zal niet zo intens zijn. Te laag, en je kunt de muur of vloer zelfs oververhitten. Het gaat erom die juiste balans te vinden, zodat er geen koude plekken meer in de kamer zijn.